| |












|
|
GESCHIEDENIS
VAN CHILI
Chili pre-spaans | Spaanse
verovering en koloniale periode |
Formatie en consolidatie van de republiek
1. Chili pre-spaans
Het Chileense grondgebied werd, voor de komst van de Spanjaarden, bevolkt
door vele indiaanse volkeren met hun eigen gewoontes en cultuur. Tot de
volkeren die in het noorden woonden behoren de Changos (levend an de visserij)
de Atacameños en de Diaguitas (levend van de landbouw, de veeteelt en
het pottenbakken). In de centrale vallei en het zuiden woonden met name
de Picunches, de Mapuches, de Huiliches, en de Cuncos, zij leefden eveneens
voornamelijk van de landbouw en de veeteelt. Het Andesgebergte werd bewoond
door volken gericht op de jacht, zoals de Pehuenches en de Puelches. Op
de hoogvlaktes van de Patagonie woonden de Tehuelches ook wel bekend als
Patagones, zij waren eveneens jagers. In het centrale deel van het eiland
van Tierra del Fuego leefden de Onas. De Chonos, Alacalufes en de Yaganes
ook bekend als de Yamanas bewoonden de zuidelijke eilanden, waar zij leefden
van de visserij.
In dezelfde periode dat deze volkeren in Chili leefden, begon het Inca-imperium
(Peru) onder heerschappij van Tupac Yupanqui en zijn opvolger Huaina Capac
zich naar het zuiden uit te bereiden (1460). De Atacamenos en Diaguitas
werden onderworpen in tegenstelling tot de Araucanos, zodat de rivier
Maule (gelegen in het centrale gedeelte van het huidige Chileense territorium)
werd vastgesteld als de grens van het Inca-imperium.
naar boven
2. Spaanse verovering van Chili en koloniale periode 1535 -1810
In 1535 leidt Diego de Almagro de eerste Spaanse expeditie naar Chili.
In 1540 begint de Spaanse verovering van Chili onder leiding van Pedro
de Valdivia, en tevens de exploratie van het grondgebied en de oprichting
van steden, zoals; Santiago (1541), La Serena (1544), Concepción (1550),
Valdivia (1552). Bij de oprichting van steden werden door de gouverneur
van Chili het grondgebied (mercedes) en de indianen (encomiendas) verdeeld
onder de buren. Elke stad had zijn respectievelijke gemeentebestuur en
stadhuis. In 1553 overlijdt Valdivia na een aanval van de Mapuches (Araucanos).
Met als gevolg oorlog en anarchie. Opstand van de indianen wordt geleid
door Lautaro (1554 - 1557). De verovering wordt voortgezet door Garcia
Hurtado de Mendoza, het zuiden wordt verkend en steden worden aldaar opgericht.
1561 - 1700 overwinningen en tegenslagen in de verovering van Chili. In
1541 begint de oorlog van Arauco en eindigt in 1881. Deze periode wordt
beheerst door de verwoestingen van steden, epidemieën en aardbevingen.
Felipe III staat slavernij van de Araucanen toe (1608). Opstand van de
indianen tot aan de rivier Maule (1655). Carlos II schaaft de slavernij
af (1672).
Nederlandse expedities: In 1616 openen Jacob Le Maire en Cornelius Scouten
de route naar Cabo de Hornos (Kaap Hoorn, vernoemd naar de Nederlandse
stad Hoorn) reeds in 1526 ontdekt. In 1623 arriveert Jacob L'Hermite op
het archipel van Chiloé. Hydrografische kaarten van Tierra del Fuego,
de archipelen en aangrenzende kanalen hebben een belangrijke bijdrage
geleverd aan de geografische studie van die zone. In 1643 gaat Hendrik
Brouwer aan land op Chiloé, na zijn overlijden zet zijn opvolger Maurits
van Nassau de aanval in op de stad Valdivia. De indianen dwingen hen tot
het verlaten van de regio.
1700 - 1800. Met de vestiging van de Spaanse Bourbon dynastie begint een
periode van belangrijke hervormingen en ontwikkelingen: de oprichting
van nieuwe steden, mijnbouw, landbouw en maritieme centra, de bouw van
gebouwen en openbare werken, de stichting van de Koninklijke Universiteit
San Felipe (1747), bode tot de vrije handel en de oprichting van het tribunaal
van koophandel (1795), tevens sociale hervormingen (de afschaffing encomiendas
in 1791). In 1798 verklaart Carlos III de onafhankelijkheid van Chili
als administratieve eenheid van de Peruaanse onderkoningschap.
naar boven
3. Formatie en consolidatie van de republiek 1810 - 1814.
Op 18 september 1810 vormen creoolse leiders een onafhankelijke regeringsraad
als protestactie tegen de arrestatie van de Spaanse koning Fernando VII
door Napoleon. Deze actie leidde tot de ontketening van de strijd om de
onafhankelijkheid van Spanje. De eerste periode van strijd om de onafhankelijkheid
(1814 - 1815) wordt Patria Vieja genoemd.
1814 - 1817. La Reconquista (de herovering). Met deze uitdrukking wordt
de tweede periode van emancipatie genoemd, dit om de wederkeer van de
Spaanse overheersing. Met als kenmerk een absolute regering. Gedurende
deze periode werd Chili geregeerd door Mariano Osorio (1814 - 1815) en
Casimiro Marco del Ponte (1815 - 1817).
1817 - 1823. La Patria Nueva (het nieuwe vaderland). Dit is de laatste
periode in de strijd om onafhankelijkheid. Troepen getraind in Mendoza,
onder leiding van de Argentijnse generaal José de San Martin en
de Chileen Bernardo O'Higgins, staken de Andes over en versloegen de Spaanse
strijdkrachten in de Slag om Chacabuco (12 februari 1817). Bernardo O'Higgins
wordt op 16 februari 1817 benoemd tot president van Chili, op 18 februari
wordt de onafhankelijkheid van Chili uitgeroepen. Met de slag om Maipo
op 5 april 1818 wordt deze geconsolideerd. O'Higgins regeert tot 28 januari
1823, gedurende deze periode worden belangrijke verbeteringen geïntroduceerd
en vooruitgang geboekt.
1823 - 1830. Ensayos de organización repúblicana (toetsingen van republikeinse
organisaties). Met de abdicatie van O'Higgins begon een periode van politieke
chaos. Verschillende regeringsvormen werden uitgeprobeerd, zoals federalisme
en democratische liberalisme, welke geen succes hadden.
1830 - 1861. Período conservador (Conservatieve periode). Kenmerkend voor
deze periode was de filosofische en organisatorische invloed op het regeringswezen
van Diego Portales (vermoord in 1837): een autoritaire, onpersoonlijk
en harde regering. De 10-jaar durende regeringen boekten belangrijke vooruitgangen.
In 1833 werd een grondwet van kracht tot aan 1925. Tussen 1836 en 1839
was Chili in oorlog met Bolivia en Peru.
1861 - 1891. Período liberal (Liberale periode). Deze periode wordt beschouwd
als het tweede deel van de regering Portales, gebaseerd op dezelfde autoritaire
principes. De regeringen kenmerkten zich door hun progressieve en autoritaire
concept van mandaat en hoe deze werd uitgeoefend. Tussen 1879 en 1883
voert Chili nogmaals oorlog met Bolivia en Peru, deze oorlog staat bekend
onder de naam Guerra del Pacífico. In 1891 gaan de uitvoerend macht (Ejecutivo)
en het parlement de confrontatie aan, met als gevolg een burgeroorlog.
1891 - 1925. Período parlamentario (Parlementaire periode). Karakteristiek
voor deze periode was de vooraanstaande positie van het parlement over
de uitvoerende macht. Echter, de parlementaire meerderheden waren zeer
instabiel, met als gevolg herhaaldelijke ministeriële veranderingen.
Hierdoor veranderde de parlementaire politiek in een oligarchische politiek.
1925 - 1973. Período de reformismo democrático (periode van democratische
hervormingen). In 1925 veranderde de parlementaire regering in een presidentiële
regering, de politieke vertegenwoordiging in nieuwe sociale krachten belichaamt
in politieke partijen met ideologische standpunten. Voor een land dat
continue leefde in veranderende sociale processen ontwikkelde de democratie
zich in Chili met een aanzienlijke continuïteit. De Staat was het instrument
voor hervormingen en veranderingen in de jaren zestig en zeventig. Tegen
1973 was een extreme polarisatie van de politiek en een globale sociale
crisis met een zwak oplossingsmechanisme voor conflicten bereikt.
1973 - 1990. Militaire regering. In september 1973 plegen de krijgsmachten
een staatsgreep. Kort daarop is duidelijk dat de militaire junta zich
niet enkel wil beperken tot het op te lossen van een specifieke crisis,
zij hebben echter een veel globaler project. De junta wilt een beschermend
democratisch model ontwikkelen, dit model wordt vastgelegd in de grondwet
van 1980, tevens wilt zij een open neoliberale economie invoeren. Het
zijn jaren getekend door sterke interne spanningen en een veelbetekenende
internationale afzondering.
1990 - 2002. Herwinning van de democratie. In 1990 begint met de verkiezing
van Patricio Aylwin tot president, gesteund door een coalitie van centrumlinkse
partijen, het overgangsproces naar democratie. Gedurende de opvolgende
regeringstermijnen van Eduardo Frei Tagle (1994 - 2000) en Ricardo Lagos
(2000 - 2006) verstevigd het proces. Deze regeringen streven naar het
oplossen van lopende zaken uit de periode van de militaire regering, het
in gang zetten van economische en sociale groei, het moderniseren van
de productie en de infrastructuur en het herplaatsen van het land in de
internationale gemeenschap doormiddel van een uitgebreid netwerk van politieke
en commerciële overeenkomsten met diverse landen.
naar boven
 
|